Column 005: Orwell of geraniums

Bibliocenter Blog - Column 005

Sommige klanten zijn zo inspirerend! Gewoon, om wie ze zijn. Zo kwam er ’t laatst een – ik mag wel zeggen bejaarde – dame naar de balie. Ze zag eruit als een gezellige oma. Een beetje klein, mooi gekapt, zilvergrijs haar, lange regenjas, paraplu in de hand.

Deze gezellige oma overhandigde me een briefje waarop in sierlijk handschrift twee Engelse boektitels stonden geschreven, met de schrijver erbij. “Wilt u voor mij even kijken of jullie deze boeken hebben?” vroeg ze. Natuurlijk wilde ik dat. Helaas liet ik mij leiden door haar leeftijd en reageerde vooringenomen op haar vraag (gelukkig leer je als veertigjarige ook elke dag weer bij). “U wilt van deze boeken graag de Nederlandse versie lezen?” De vrouw keek me aan en lachte vriendelijk. “Nee hoor, graag de Engelse versie.” Ik zocht en vond een van de boeken, de andere was uitgeleend, en pakte het uit het rek.  “Ja, deze neem ik mee, wilt u hem even voor mij uitlenen? Ik ben goed in talen, maar ben een echte digibeet.” Ik leende het boek uit en besloot een gesprekje met haar aan te gaan. Haar (ook nog zeer kwieke) man was intussen ook naast haar komen staan.

“Wat goed dat u op uw leeftijd nog Engelse boeken leest”, begon ik. “Nou weet je,” zei ze terwijl ze een stapje dichterbij kwam, “ik heb twee kleinkinderen die op het gym zitten. En die wil ik toch proberen bij te houden he? Want anders praten we straks alleen nog over geraniums – en dat vinden ze saai. Zo wist mijn kleindochter ’t laatst geen boek voor Engels. Ik heb haar toen 1984 van Orwell aangeraden, want dat boek had ik pas gelezen. Daarna hebben we er een hele middag over gepraat.” “Leest u ook wel eens andere talen?” vroeg ik.  “Ja, Duits gaat ook goed en een beetje Latijn en Grieks vind ik ook mooi – dat hebben mijn kleinkinderen ook op school en soms overhoor ik ze. Alleen met Frans gaat het niet zo goed, dat hoor je veel te weinig op tv. En ze hebben me hier in de bieb wel eens gewezen op die cursus, Klik en Tik? Maar daar waag ik me niet meer aan. Ik ben nou eenmaal een digibeet en mijn kleinkinderen helpen me wel als ik iets op de computer wil.”

“Zeg”, onderbrak haar man haar terwijl hij zijn hand op haar arm legde en haar aankeek, “jij blijft toch nog even hier rondneuzen he? Dan ga ik alvast boodschappen doen en zien we elkaar zo weer hier.” De vrouw glimlachte. “Als je zestig jaar getrouwd bent, dan ken je elkaars doen en laten helemaal.”  “Zo, zestig jaar getrouwd, dat hoor je niet meer zo vaak.” “Jazeker, vorig jaar. Niet dat het altijd rozengeur en maneschijn was hoor, maar met respect naar elkaar toe kom je een heel eind. En je moet je bolletje een beetje laten werken he? Dat je bezig blijft en elkaar steeds weer wat te vertellen hebt. Nou, dankjewel voor het zoeken van het boek. Ik ga nog even koffie drinken De Koffieboekerij.”

Ik moet bekennen dat ik behoorlijk onder de indruk was van deze belezen mevrouw. Op zo’n leeftijd nog fijn samen mogen zijn met je partner. Nog goed kunnen lopen, praten, zien en horen. Nog geestelijk in heel goede conditie zijn en met vier talen je kleinkinderen kunnen bijbenen. Zulke mensen blijven je bij. En dan kun je alleen maar hopen dat je ook die leeftijd in zulke goede omstandigheden mag bereiken.